• Anne Franklaan 5 3842 GV Harderwijk
  • 0341 41 04 86
  • info@mehmetakifcami.nl

Historie

Historie

In de lange geschiedenis van Harderwijk waren vreemdelingen een vertrouwd verschijnsel. In de middeleeuwen bezochten kooplieden van heinde en verre de Harderwijker markten. Buitenlandse handelsschepen meerden aan bij de Lage Bruggepoort. Buitenlanders vormden in de zeventiende en achttiende eeuw als huursoldaten een onderdeel van het garnizoen. Honderden studenten uit het buitenland studeerden en promoveerden aan de Gelderse Academie. Tienduizenden Fransen, Duitsers, Zwitsers, Ghanezen en mensen met andere nationaliteiten bevolkten het Koloniale Werfdepot. Een aantal ‘kolonialen’ besloot niet naar Indië te gaan en in Harderwijk te blijven. Dat betekent dat diverse Harderwijker families min of meer koloniale wortels hebben.

In 1963 brak een nieuwe episode in de geschiedenis van Harderwijk aan. In dat jaar kwamen zeven Spanjaarden in Harderwijk bij de Amerikaanse aluminiumverwerker Reynolds werken. Later volgden nog meer Spanjaarden en vooral een groot aantal Turken en Marokkanen, ook bij andere bedrijven. Deze gastarbeiders kwamen werk doen waar Nederlanders geen trek in hadden. Bijvoorbeeld straten vegen, lopendebandwerk, zwaar werk, smerig werk. Ze werden gehuisvest in barakken. Voor werkgevers waren het goede en goedkope werknemers.

De meeste gastarbeiders waren tussen de achttien en dertig jaar oud en wilden alleen maar geld verdienen in Nederland. Velen waren afkomstig van het platteland. Vaak laagopgeleid en soms analfabeet. Het was de bedoeling na enkele jaren terug te keren naar het geboorteland. De overheid dacht er hetzelfde over. Het was dus niet nodig om inburgeringscursussen en integratieprogramma’s op te zetten, vond men toen.

Na verloop van tijd lieten de mannen familieleden overkomen of haalden een bruid uit eigen land. De drang om terug te keren werd minder. De gastarbeiders werden weliswaar door de Nederlanders gastvrij ontvangen, maar er was weinig contact tussen beide groepen. De immigranten spraken meestal nauwelijks Nederlands. Ze maakten lange werkdagen en voelden niet de drang om te integreren.

Rond 1985 keerde een aantal Turkse en Marokkaanse families uit Harderwijk terug naar het land van herkomst. Ze vonden Nederland geen geschikte omgeving om hun kinderen op te voeden. Ze waren bang dat die kinderen in Nederland zouden ontsporen. Ze konden in de criminaliteit terechtkomen of aan drugs verslaafd raken. Een deel van deze remigranten kwam enkele jaren later echter toch weer in Nederland wonen. Het dagelijks leven in Turkije en Marokko was heel anders dan ze hadden verwacht. Ze waren gewend geraakt aan Nederland en aan de Nederlanders, terwijl de economische situatie in hun geboorteland tegenviel.

De werkelijkheid van vandaag is dat Harderwijk een kleurrijke bevolking heeft, inclusief een omvangrijke Turkse en Marokkaanse gemeenschap. Tussen de vele kerkgebouwen verrezen ook in Harderwijk de minaretten van moskeeën. Harderwijk telt inmiddels enkele duizenden moslims die met heel veel inzet en financiële inspanningen moskeeën hebben gebouwd. Aan de Anne Franklaan staat de Turkse Mehmet Akif Ersoy-moskee, genoemd naar de dichter van het Turkse volkslied. Een paar honderd meter verder, aan de Slauerhoffstraat bouwden de Marokkaanse Harderwijkers hun El Mohsinin-moskee. De aanwezigheid van deze twee gebouwen onderstreept dat de Harderwijker samenleving niet alleen vroeger maar ook nu cultureel en godsdienstig beïnvloed wordt door mensen met andere wortels dan  de doorsnee-Harderwijker.